Connect with us

Actueel

Angstaanjagende voorspelling: onderzoekers berekenen wanneer aarde zonder zuurstof komt te zitten

Published

on

Heb je je ooit afgevraagd hoe lang de aarde nog een planeet blijft waarop wij zonder nadenken kunnen ademhalen? Zuurstof lijkt zo vanzelfsprekend dat we er nauwelijks bij stilstaan. Toch is het allesbehalve een eeuwig gegeven. Wetenschappers hebben nu opnieuw gekeken naar de verre toekomst van onze planeet en komen tot een opvallende conclusie: de periode waarin de aarde een zuurstofrijke atmosfeer heeft, is eindig – en mogelijk korter dan we altijd dachten.

Onderzoekers van de Japanse Toho University en het Georgia Institute of Technology publiceerden onlangs een studie in het gerenommeerde wetenschappelijke tijdschrift Nature Geoscience. In dat onderzoek probeerden zij te beantwoorden hoe de atmosfeer van de aarde zich op extreem lange termijn zal ontwikkelen. Hun focus lag daarbij op één cruciale vraag: hoe lang blijft onze planeet geschikt voor complex leven dat afhankelijk is van zuurstof?

Een fundamentele bouwsteen van leven

Zuurstof speelt een centrale rol in vrijwel alles wat wij als leven kennen. Mensen, dieren en de meeste planten zijn volledig afhankelijk van deze gasvormige stof. Toch was de aarde niet altijd een zuurstofrijke wereld. Miljarden jaren geleden zag onze planeet er totaal anders uit: weinig zuurstof, veel methaan en een atmosfeer die voor mensen dodelijk zou zijn geweest.

Pas zo’n 2,5 miljard jaar geleden veranderde dat drastisch, tijdens wat wetenschappers het ‘Great Oxidation Event’ noemen. Door de opkomst van fotosynthetische organismen – voorlopers van planten en algen – begon zuurstof zich langzaam op te hopen in de atmosfeer. Dat proces legde uiteindelijk de basis voor complex leven, waaronder de mens.

Maar die zuurstofrijke fase blijkt volgens onderzoekers geen permanente toestand.

De rol van CO₂ en de zon

Kazumi Ozaki, assistent-professor aan de Toho University en hoofdauteur van de studie, legt uit dat wetenschappers al lange tijd nadenken over de levensduur van de biosfeer. Tot nu toe gingen veel modellen ervan uit dat de aarde over ongeveer twee miljard jaar onleefbaar zou worden voor complex leven. Niet door een plotselinge ramp, maar door een geleidelijk proces.

“De zon wordt langzaam maar zeker feller,” legt Ozaki uit. “Daardoor stijgt de temperatuur op aarde en verandert de koolstofcyclus.” Koolstofdioxide (CO₂), een essentieel ingrediënt voor fotosynthese, neemt daarbij langzaam af. Planten hebben CO₂ nodig om zuurstof te produceren. Minder CO₂ betekent uiteindelijk minder fotosynthese, en dus minder zuurstof.

Tot voor kort dachten onderzoekers dat dit proces vrij gelijkmatig zou verlopen en pas over circa twee miljard jaar tot grote problemen zou leiden. Maar het nieuwe onderzoek wijst op een andere, veel snellere ontwikkeling.

Een verrassend korte tijdlijn

Op basis van uitgebreide computermodellen concluderen Ozaki en zijn collega Christopher Reinhard dat de zuurstofrijke atmosfeer waarschijnlijk al over ongeveer één miljard jaar instort. Dat is grofweg de helft van de tijd die eerder werd aangenomen.

Voor het onderzoek bouwden de wetenschappers een complex model van de aarde waarin klimaat, geochemische processen en biologische activiteit met elkaar werden verbonden. Omdat processen op zulke lange tijdschalen enorm onzeker zijn, lieten ze het model meer dan 400.000 keer draaien. Elke simulatie had net iets andere uitgangspunten.

Toch kwam er een opvallend consistent resultaat uit: rond het punt van één miljard jaar in de toekomst treedt er een snelle verandering op, die de onderzoekers omschrijven als een periode van “snelle deoxygenatie”.

Terug naar een oeroude aarde

Tijdens die deoxygenatie zal het zuurstofgehalte in de atmosfeer drastisch dalen. Volgens de studie zal de aarde dan meer gaan lijken op haar toestand van vóór het Great Oxidation Event. De lucht zal rijk zijn aan methaan, arm aan koolstofdioxide en vrijwel geen zuurstof meer bevatten. Ook de ozonlaag, die ons nu beschermt tegen schadelijke straling van de zon, zal verdwijnen.

“Het wordt waarschijnlijk een wereld waarin alleen eenvoudige, anaerobe levensvormen kunnen bestaan,” aldus Ozaki. Dat zijn organismen die geen zuurstof nodig hebben, zoals bacteriën die we vandaag de dag vooral kennen uit extreme omgevingen.

Voor complex leven, zoals planten, dieren en mensen, betekent dat het einde. Niet door een plotselinge ramp, maar door een geleidelijk proces dat onomkeerbaar is.

Zuurstof is maar tijdelijk

Een van de meest opvallende conclusies uit de studie is dat de huidige zuurstofrijke fase van de aarde slechts een relatief klein deel vormt van haar totale levensduur. De onderzoekers schatten dat deze fase mogelijk maar 20 tot 30 procent van de geschiedenis van de planeet beslaat.

Dat inzicht heeft ook gevolgen voor de zoektocht naar buitenaards leven. Veel wetenschappers speuren naar planeten met zuurstof in hun atmosfeer, omdat dat wordt gezien als een sterke aanwijzing voor leven. Maar als zuurstof slechts tijdelijk voorkomt, betekent dat dat een planeet zonder zuurstof niet per se levenloos hoeft te zijn – en andersom.

Geen reden tot paniek, wel tot verwondering

Hoewel een miljard jaar in menselijke termen onvoorstelbaar ver weg is, maakt het onderzoek duidelijk dat zelfs de meest fundamentele voorwaarden voor leven niet eeuwig zijn. De aarde is geen statisch systeem, maar een dynamische planeet die voortdurend verandert.

Voor ons dagelijks leven verandert er niets. De mensheid hoeft zich geen zorgen te maken over een naderend zuurstoftekort. Toch nodigt deze kennis uit tot bescheidenheid. Het onderstreept hoe bijzonder het huidige moment in de geschiedenis van de aarde is: een korte periode waarin complex leven kan bloeien.

Het onderzoek van Ozaki en Reinhard laat zien dat onze leefomgeving het resultaat is van een unieke samenloop van omstandigheden. Zuurstof, zonlicht, temperatuur en biologische processen zijn in balans – maar niet voor altijd.

En misschien is dat juist de grootste les: dat wat vanzelfsprekend voelt, in werkelijkheid een tijdelijk cadeau is van een planeet in voortdurende verandering.

Actueel

Expert slaat alarm over dodelijk virus in Nederland: ”Kan heel groot worden”

Published

on

In Utrecht is een persoon overleden na een besmetting met het westnijlvirus. Het nieuws zorgt voor toenemende zorgen over de aanwezigheid van het virus in Nederland. Muggenexpert Bart Knols waarschuwt dat het sterfgeval niet als een op zichzelf staand incident moet worden gezien. Volgens hem is juist nu het moment aangebroken om uiterst alert te zijn en maatregelen te nemen om verdere verspreiding zo goed mogelijk in kaart te brengen.

Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) maakte ongeveer twee weken geleden bekend dat het westnijlvirus op meerdere plekken in Nederland was vastgesteld. Het virus werd aangetroffen bij een mens, een paard en een vogel.

Dat is belangrijk, omdat het westnijlvirus voornamelijk via besmette muggen wordt overgedragen. Wanneer verschillende dieren en mensen besmet raken, betekent dit dat het virus lokaal circuleert en dat muggen een rol spelen bij de verspreiding.

De zorgen zijn verder toegenomen nu bekend is geworden dat iemand uit Utrecht na een besmetting is overleden.

Muggenexpert waarschuwt voor verdere verspreiding

Muggenexpert Bart Knols sprak woensdagavond in het WNL-programma Goedenavond Nederland uitgebreid over de situatie. Volgens hem moeten de Nederlandse autoriteiten het signaal serieus nemen.

“Dit kan groot worden, laat ik het zo zeggen. Het is één geval. Eén sterfgeval. Heel triest natuurlijk”, aldus Knols.

Volgens de deskundige komt de ontwikkeling bovendien niet volledig uit de lucht vallen. Hij wijst erop dat wetenschappers al veel langer waarschuwen voor de mogelijkheid dat het westnijlvirus zich in Nederland verder zou verspreiden.

Knols stelt dat er rond 2020 al duidelijke signalen waren. Zelf schreef hij naar eigen zeggen zelfs in 2009 al over de risico’s van het virus.

“Dat werd toen weggezet als bangmakerij, stemmingmakerij. En nu zijn we 17 jaar verder en nu is het zover. En dat is heel triest”, vertelde hij.

‘Bij één persoon moeten de alarmbellen afgaan’

Presentator Frank van Leeuwen wierp tijdens het gesprek de vraag op of de situatie daadwerkelijk zo alarmerend is. Tot dusver gaat het immers om een beperkt aantal vastgestelde besmettingen in Nederland.

Volgens de cijfers die tijdens de uitzending werden besproken, zijn zes besmettingen bekend en is nu één persoon overleden.

Knols vindt echter dat juist bij infectieziekten niet uitsluitend naar de huidige aantallen moet worden gekeken. Een klein aantal geregistreerde gevallen betekent volgens hem niet automatisch dat het risico beperkt blijft.

“Het begint met één persoon en dan zouden alle alarmbellen moeten afgaan”, waarschuwde hij. Volgens Knols zijn die alarmbellen binnen de wetenschappelijke wereld al veel langer afgegaan.

Om duidelijk te maken waarom vroege signalen volgens hem serieus genomen moeten worden, maakte de muggenexpert een vergelijking met Q-koorts. Ook die uitbraak begon ooit met een beperkt aantal bekende gevallen, waarna de omvang sterk toenam.

Daarmee zegt Knols niet dat het westnijlvirus zich noodzakelijkerwijs op dezelfde manier zal ontwikkelen. Zijn boodschap is vooral dat snel handelen belangrijk kan zijn wanneer een infectieziekte zich begint te verspreiden.

Hoe wordt het westnijlvirus verspreid?

Het westnijlvirus wordt in de natuur voornamelijk in stand gehouden door een cyclus tussen vogels en muggen. Muggen kunnen besmet raken wanneer ze bloed zuigen bij een geïnfecteerde vogel. Vervolgens kunnen ze het virus bij een volgende beet overdragen op mensen of andere zoogdieren, waaronder paarden.

De aanwezigheid van besmettingen bij zowel vogels als paarden en mensen is daarom een belangrijk signaal voor deskundigen die de verspreiding volgen.

Dat betekent overigens niet dat iedere mug in Nederland het virus bij zich draagt. Ook leidt een besmetting niet automatisch tot ernstige ziekte. Het geregistreerde sterfgeval in Utrecht maakt volgens Knols echter duidelijk dat ernstige gevolgen mogelijk zijn.

Virus komt ook elders in Europa voor

Nederland staat bovendien niet op zichzelf. Het westnijlvirus komt al langer voor in delen van Europa, waarbij vooral Zuid-Europese landen regelmatig besmettingen melden.

Tijdens de uitzending wees Knols erop dat er inmiddels 625 besmettingen in Europa zijn geregistreerd.

Volgens hem ligt het werkelijke aantal mensen dat met het virus in aanraking is gekomen waarschijnlijk hoger. Niet iedere besmetting wordt immers herkend of geregistreerd.

“Het virus waart rond”, aldus Knols. Juist daarom vindt hij dat Nederland zich goed moet voorbereiden op een situatie waarin meer besmettingen worden vastgesteld.

Pleidooi voor Outbreak Management Team

De muggenexpert vindt dat na het sterfgeval in Utrecht verschillende deskundigen en instanties gezamenlijk naar de situatie moeten kijken.

“Als het goed is moet er, na Utrecht, een soort OMT komen”, zei hij.

Met OMT doelt Knols op een Outbreak Management Team: een groep deskundigen die bij een mogelijke uitbraak de beschikbare informatie beoordeelt en adviseert over eventuele maatregelen.

Volgens Knols zouden onder meer het RIVM, de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA), de GGD en verschillende medische en veterinaire deskundigen daarbij betrokken moeten worden.

Hij noemt daarbij niet alleen huisartsen, maar ook dierenartsen. Dat is van belang omdat het virus niet uitsluitend bij mensen wordt aangetroffen. Ook besmettingen onder dieren kunnen informatie opleveren over waar het virus circuleert.

Onderzoek rond besmettingen Utrecht

Bijzondere aandacht zou volgens Knols moeten uitgaan naar de regio Utrecht. Daar zijn volgens de besproken gegevens drie menselijke besmettingen vastgesteld.

Hij pleit ervoor om grondig te onderzoeken waar deze mensen mogelijk met het virus in aanraking zijn gekomen en welke overeenkomsten er tussen de besmettingen bestaan.

Ook monitoring van muggen, vogels en paarden kan helpen om een beter beeld te krijgen van de geografische verspreiding.

Het doel daarvan is vooral om zo vroeg mogelijk te ontdekken waar besmette muggen voorkomen en of er aanwijzingen zijn dat het virus zich naar andere gebieden verplaatst.

Deskundige wil maximale alertheid

Knols benadrukt dat zijn oproep niet betekent dat Nederland onmiddellijk met een grootschalige uitbraak te maken krijgt. Wel vindt hij dat het onverstandig zou zijn om af te wachten totdat het aantal besmettingen sterk begint toe te nemen.

Juist omdat muggen zich kunnen verspreiden en het virus via vogels over grotere afstanden kan circuleren, is volgens hem vroegtijdige surveillance van groot belang.

Het overlijden van de persoon uit Utrecht vormt voor de muggenexpert daarom een belangrijk waarschuwingssignaal.

Waar momenteel nog sprake is van een beperkt aantal bevestigde menselijke besmettingen, moet volgens hem alles in het werk worden gesteld om zicht te krijgen op wat er daadwerkelijk gaande is.

“Het begint met één persoon”, waarschuwt Knols. Voor hem is het dan ook duidelijk: het eerste Nederlandse sterfgeval moet aanleiding zijn om de ontwikkelingen rond het westnijlvirus uiterst serieus te volgen.

Continue Reading

Trending

  • Actueel2 jaar ago

    Hardnekkige gerucht blijkt tóch waar: ‘Dit heeft Marco Borsato allemaal met Maan gedaan!’

  • Actueel2 jaar ago

    Jutta Leerdam stapt in ijsbad en laat per ongeluk een beetje teveel zien

  • Actueel2 jaar ago

    Martijn Krabbé deelt verdrietig bericht: ‘Zo lang heb ik nog’

  • Actueel2 jaar ago

    Kijkers geschokt door actie van gast in Lang Leve de Liefde: slurf tevoorschijn gehaald

  • Actueel2 jaar ago

    André Hazes deelt per ongeluk beelden van vrij partijtje met Monique Westenberg

  • Actueel2 jaar ago

    Ophef: Lang Leve de Liefde-deelnemers Laura en Duco liggen te wippen en geven volledige show weg

  • Actueel2 jaar ago

    Volgers verdrietig door heftige post van Emma Heesters 😔

  • Actueel2 jaar ago

    Zangeres Maan laat op podium zien wat ze in huis heeft tijdens optreden. Daar kunnen de mannen wel van genieten