Connect with us

Actueel

Nieuwe virusvariant uitgebroken, RIVM doet oproep aan de bevolking

Published

on

Europa waarschuwt voor vroege en ongewone start van het griepseizoen: nieuwe variant baart zorgen

Normaal gesproken dient de jaarlijkse griepgolf zich pas na de feestdagen aan. In veel jaren piekt het aantal besmettingen pas eind januari of begin februari, wanneer de winter echt zijn kille grip op Nederland heeft. Maar dit jaar lijkt er iets bijzonders aan de hand. Het Europees Centrum voor Z!ektepreventie en -bestrijding (ECDC) slaat alarm: de griep doet eerder zijn intrede dan verwacht, en daar komt nog een extra zorg bovenop. In laboratoria is namelijk een nieuwe variant opgedoken die voor opvallende testresultaten zorgt. De organisatie roept kwetsbare groepen daarom op om tijdig hun griepprik te halen.

Vroege griepsignalen uit het Verenigd Koninkrijk

Het Verenigd Koninkrijk is altijd een belangrijke graadmeter voor wat ons in Nederland te wachten staat. Vaak zien experts daar al vroeg patronen ontstaan die zich later naar Europa verplaatsen. En in het VK gaat het opvallend snel. Huisartsen zagen de afgelopen weken een duidelijke stijging van patiënten met koorts, hoestklachten en griepsymptomen.

Deze versnelling baart deskundigen zorgen, omdat griep doorgaans pas later in het seizoen breed rondgaat. Begin dit jaar, om een vergelijking te maken, hadden in Nederland slechts 1 op de 1.000 mensen griepachtige klachten waarvoor zij naar de huisarts gingen. De huidige trend in het buitenland doet vermoeden dat deze rustigere start dit jaar niet te verwachten valt.

Het RIVM ziet dit patroon met argusogen aan. Ieder jaar verspreiden griepvirussen zich op vergelijkbare wijze: vaak begint de opmars in West- of Zuid-Europa, waarna het virus zich snel over het continent verspreidt. Hoewel er geen sluitende verklaring is waarom dat telkens zo gebeurt, is het fenomeen inmiddels een bekend patroon.

Adam Meijer, viroloog bij het RIVM, vertelt aan het Algemeen Dagblad dat het opvallend is hoe vroeg het beeld zich nu ontvouwt. “Als deze trend doorzet, krijgen wij in de komende weken al een griepgolf,” zegt hij. Dat zou betekenen dat Nederland mogelijk drie tot vier weken eerder dan normaal met een ware piek te maken krijgt.

corona

Een nieuwe griepvariant duikt op

Naast de vroege start van het seizoen is er nog een tweede factor die de aandacht trekt: de opkomst van de zogenoemde k-variant. Deze nieuwe variant is een afgeleide van het H3N2-virus, een type griep dat al jaren rondgaat en bij sommige mensen stevig kan toeslaan. Hoewel de nieuwe variant in Nederland nog nauwelijks wordt gevonden, verspreidt hij zich in andere landen wél opvallend snel.

Het meest zorgwekkende is dat het huidige griepvaccin minder goed werkt tegen deze variant. Dat is vastgesteld in laboratoriumonderzoek waarbij de antistoffen van gevaccineerde fretten zijn getest. De uitkomst: deze antistoffen wisten de k-variant nauwelijks te neutraliseren.

Dat klinkt ernstiger dan het misschien is. In de praktijk hebben mensen, anders dan laboratoriumdieren, vaak al meerdere griepinfecties doorgemaakt. Daardoor beschikken zij over een bredere natuurlijke weerstand. Britse experts benadrukken dan ook dat het z!ekteverloop bij mensen vooralsnog niet zwaarder lijkt dan bij bestaande varianten.

Toch wijzen onderzoekers erop dat vooral ouderen kwetsbaar blijven. Zij kunnen bij iedere griepvariant sneller en heviger z!ek worden, waardoor extra oplettendheid geboden is. Een vroege golf kan ook gevolgen hebben voor de zorg, omdat virussen zoals griep, longontsteking en RS-virus elkaar soms overlappen en samen voor drukte in z!ekenhuizen zorgen.

Is de nieuwe variant de echte oorzaak?

Hoewel de k-variant veel aandacht krijgt, is het volgens deskundigen nog te vroeg om te concluderen dat deze variant daadwerkelijk de oorzaak is van de vroege griepgolf. Meijer benadrukt dat het beeld complex is. “Het zou kunnen,” zegt hij, “maar we kunnen het niet met zekerheid stellen.”

Griepvirussen staan bekend om hun vermogen om snel te veranderen. Dat zorgt ervoor dat ieder seizoen weer iets anders verloopt. De varianten die domineren, de mate van immuniteit in de bevolking en zelfs het weer spelen allemaal mee.

coronatest

Vaccinatie blijft waardevol

In reactie op de waarschuwingen uit Europa en de signalen uit het Verenigd Koninkrijk adviseert het RIVM kwetsbare groepen zoals ouderen, mensen met een chronische aandoening en zwangere vrouwen om de jaarlijkse griepprik te halen. Dat advies wordt ieder jaar gegeven, maar is door de vroege griepactiviteit extra relevant.

Het vaccin is dit jaar samengesteld op basis van de varianten waarvan werd verwacht dat ze dominant zouden worden. Dat betekent dat de bescherming tegen de nieuwe k-variant minder sterk is. Toch benadrukt Meijer dat vaccineren nog steeds zin heeft. “De effectiviteit valt mee. De griepprik beschermt 30 tot 40 procent van de volwassenen,” legt hij uit. “Het effect is nooit nul. Een vaccin heeft dus altijd nut.”

Vaccinaties zorgen er niet alleen voor dat mensen minder vaak z!ek worden, maar ook dat de ernst van de klachten meestal lager ligt. Dat kan het verschil betekenen tussen een paar dagen uitz!eken en een z!ekenhuisopname, vooral bij ouderen en kwetsbaren.

Waarom is een vroege griepgolf problematisch?

Een griepseizoen dat weken eerder begint, kan op verschillende vlakken gevolgen hebben. Ten eerste is er de druk op de zorg: z!ekenhuizen, huisartsen en spoedeisende hulpen bereiden zich doorgaans voor op bepaalde piekperioden. Wanneer die pieken onverwacht eerder vallen, kan dat leiden tot extra drukte op momenten waarop dat minder goed gepland is.

Daarnaast kunnen meerdere wintervirussen tegelijk circuleren. Denk bijvoorbeeld aan het RS-virus, dat vooral voor jonge kinderen gevaarlijk kan zijn, of het coronavirus, dat tijdens koudere maanden vaker de kop opsteekt. Wanneer deze virussen gelijktijdig rondgaan, kunnen zij elkaar versterken in ernst en verspreiding.

Ook voor bedrijven en scholen kan een vroege griepgolf merkbaar zijn. Elke winter zorgt griep voor een hoog z!ekteverzuim, en wanneer dat eerder begint, kan dit invloed hebben op personeelsplanning en onderwijs.

Wat kun je zelf doen?

Ondanks de onrustige berichten zijn er verschillende manieren waarop mensen zichzelf en hun omgeving kunnen beschermen. Het RIVM adviseert eenvoudige, maar effectieve maatregelen:

  • Was regelmatig je handen, zeker na hoesten, niezen of reizen met het openbaar vervoer.

  • Ventileer ruimtes waar meerdere mensen bij elkaar zijn.

  • Blijf thuis bij koorts of hevige klachten, zodat verspreiding wordt beperkt.

  • Overweeg een griepprik als je tot de risicogroep behoort of werkt in de zorg.

Deze adviezen zijn niet nieuw, maar worden extra belangrijk wanneer virussen vroeg en hevig circuleren.

Een winter vol onzekerheden

Hoewel niet alles volledig duidelijk is, staat één ding vast: het griepseizoen begint dit jaar anders dan normaal. De combinatie van een vroege stijging in het buitenland, de komst van een nieuwe variant en de mogelijke lagere werking van het huidige vaccin zorgt voor een situatie die nauwlettend gevolgd wordt door Europese gezondheidsinstanties.

Of het in Nederland net zo snel zal gaan als in het Verenigd Koninkrijk blijft afwachten. Maar gezien de jaarlijkse patronen is de kans groot dat ook wij binnenkort te maken krijgen met een toename van griepgevallen.

Voor nu blijft het motto van de gezondheidsinstanties: wees alert, bescherm jezelf en haal de griepprik als je tot de risicogroep behoort. Want ook al verandert het virus ieder jaar, de beste voorbereiding is en blijft tijdig handelen.

Actueel

Expert slaat alarm over dodelijk virus in Nederland: ”Kan heel groot worden”

Published

on

In Utrecht is een persoon overleden na een besmetting met het westnijlvirus. Het nieuws zorgt voor toenemende zorgen over de aanwezigheid van het virus in Nederland. Muggenexpert Bart Knols waarschuwt dat het sterfgeval niet als een op zichzelf staand incident moet worden gezien. Volgens hem is juist nu het moment aangebroken om uiterst alert te zijn en maatregelen te nemen om verdere verspreiding zo goed mogelijk in kaart te brengen.

Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) maakte ongeveer twee weken geleden bekend dat het westnijlvirus op meerdere plekken in Nederland was vastgesteld. Het virus werd aangetroffen bij een mens, een paard en een vogel.

Dat is belangrijk, omdat het westnijlvirus voornamelijk via besmette muggen wordt overgedragen. Wanneer verschillende dieren en mensen besmet raken, betekent dit dat het virus lokaal circuleert en dat muggen een rol spelen bij de verspreiding.

De zorgen zijn verder toegenomen nu bekend is geworden dat iemand uit Utrecht na een besmetting is overleden.

Muggenexpert waarschuwt voor verdere verspreiding

Muggenexpert Bart Knols sprak woensdagavond in het WNL-programma Goedenavond Nederland uitgebreid over de situatie. Volgens hem moeten de Nederlandse autoriteiten het signaal serieus nemen.

“Dit kan groot worden, laat ik het zo zeggen. Het is één geval. Eén sterfgeval. Heel triest natuurlijk”, aldus Knols.

Volgens de deskundige komt de ontwikkeling bovendien niet volledig uit de lucht vallen. Hij wijst erop dat wetenschappers al veel langer waarschuwen voor de mogelijkheid dat het westnijlvirus zich in Nederland verder zou verspreiden.

Knols stelt dat er rond 2020 al duidelijke signalen waren. Zelf schreef hij naar eigen zeggen zelfs in 2009 al over de risico’s van het virus.

“Dat werd toen weggezet als bangmakerij, stemmingmakerij. En nu zijn we 17 jaar verder en nu is het zover. En dat is heel triest”, vertelde hij.

‘Bij één persoon moeten de alarmbellen afgaan’

Presentator Frank van Leeuwen wierp tijdens het gesprek de vraag op of de situatie daadwerkelijk zo alarmerend is. Tot dusver gaat het immers om een beperkt aantal vastgestelde besmettingen in Nederland.

Volgens de cijfers die tijdens de uitzending werden besproken, zijn zes besmettingen bekend en is nu één persoon overleden.

Knols vindt echter dat juist bij infectieziekten niet uitsluitend naar de huidige aantallen moet worden gekeken. Een klein aantal geregistreerde gevallen betekent volgens hem niet automatisch dat het risico beperkt blijft.

“Het begint met één persoon en dan zouden alle alarmbellen moeten afgaan”, waarschuwde hij. Volgens Knols zijn die alarmbellen binnen de wetenschappelijke wereld al veel langer afgegaan.

Om duidelijk te maken waarom vroege signalen volgens hem serieus genomen moeten worden, maakte de muggenexpert een vergelijking met Q-koorts. Ook die uitbraak begon ooit met een beperkt aantal bekende gevallen, waarna de omvang sterk toenam.

Daarmee zegt Knols niet dat het westnijlvirus zich noodzakelijkerwijs op dezelfde manier zal ontwikkelen. Zijn boodschap is vooral dat snel handelen belangrijk kan zijn wanneer een infectieziekte zich begint te verspreiden.

Hoe wordt het westnijlvirus verspreid?

Het westnijlvirus wordt in de natuur voornamelijk in stand gehouden door een cyclus tussen vogels en muggen. Muggen kunnen besmet raken wanneer ze bloed zuigen bij een geïnfecteerde vogel. Vervolgens kunnen ze het virus bij een volgende beet overdragen op mensen of andere zoogdieren, waaronder paarden.

De aanwezigheid van besmettingen bij zowel vogels als paarden en mensen is daarom een belangrijk signaal voor deskundigen die de verspreiding volgen.

Dat betekent overigens niet dat iedere mug in Nederland het virus bij zich draagt. Ook leidt een besmetting niet automatisch tot ernstige ziekte. Het geregistreerde sterfgeval in Utrecht maakt volgens Knols echter duidelijk dat ernstige gevolgen mogelijk zijn.

Virus komt ook elders in Europa voor

Nederland staat bovendien niet op zichzelf. Het westnijlvirus komt al langer voor in delen van Europa, waarbij vooral Zuid-Europese landen regelmatig besmettingen melden.

Tijdens de uitzending wees Knols erop dat er inmiddels 625 besmettingen in Europa zijn geregistreerd.

Volgens hem ligt het werkelijke aantal mensen dat met het virus in aanraking is gekomen waarschijnlijk hoger. Niet iedere besmetting wordt immers herkend of geregistreerd.

“Het virus waart rond”, aldus Knols. Juist daarom vindt hij dat Nederland zich goed moet voorbereiden op een situatie waarin meer besmettingen worden vastgesteld.

Pleidooi voor Outbreak Management Team

De muggenexpert vindt dat na het sterfgeval in Utrecht verschillende deskundigen en instanties gezamenlijk naar de situatie moeten kijken.

“Als het goed is moet er, na Utrecht, een soort OMT komen”, zei hij.

Met OMT doelt Knols op een Outbreak Management Team: een groep deskundigen die bij een mogelijke uitbraak de beschikbare informatie beoordeelt en adviseert over eventuele maatregelen.

Volgens Knols zouden onder meer het RIVM, de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA), de GGD en verschillende medische en veterinaire deskundigen daarbij betrokken moeten worden.

Hij noemt daarbij niet alleen huisartsen, maar ook dierenartsen. Dat is van belang omdat het virus niet uitsluitend bij mensen wordt aangetroffen. Ook besmettingen onder dieren kunnen informatie opleveren over waar het virus circuleert.

Onderzoek rond besmettingen Utrecht

Bijzondere aandacht zou volgens Knols moeten uitgaan naar de regio Utrecht. Daar zijn volgens de besproken gegevens drie menselijke besmettingen vastgesteld.

Hij pleit ervoor om grondig te onderzoeken waar deze mensen mogelijk met het virus in aanraking zijn gekomen en welke overeenkomsten er tussen de besmettingen bestaan.

Ook monitoring van muggen, vogels en paarden kan helpen om een beter beeld te krijgen van de geografische verspreiding.

Het doel daarvan is vooral om zo vroeg mogelijk te ontdekken waar besmette muggen voorkomen en of er aanwijzingen zijn dat het virus zich naar andere gebieden verplaatst.

Deskundige wil maximale alertheid

Knols benadrukt dat zijn oproep niet betekent dat Nederland onmiddellijk met een grootschalige uitbraak te maken krijgt. Wel vindt hij dat het onverstandig zou zijn om af te wachten totdat het aantal besmettingen sterk begint toe te nemen.

Juist omdat muggen zich kunnen verspreiden en het virus via vogels over grotere afstanden kan circuleren, is volgens hem vroegtijdige surveillance van groot belang.

Het overlijden van de persoon uit Utrecht vormt voor de muggenexpert daarom een belangrijk waarschuwingssignaal.

Waar momenteel nog sprake is van een beperkt aantal bevestigde menselijke besmettingen, moet volgens hem alles in het werk worden gesteld om zicht te krijgen op wat er daadwerkelijk gaande is.

“Het begint met één persoon”, waarschuwt Knols. Voor hem is het dan ook duidelijk: het eerste Nederlandse sterfgeval moet aanleiding zijn om de ontwikkelingen rond het westnijlvirus uiterst serieus te volgen.

Continue Reading

Trending

  • Actueel2 jaar ago

    Hardnekkige gerucht blijkt tóch waar: ‘Dit heeft Marco Borsato allemaal met Maan gedaan!’

  • Actueel2 jaar ago

    Jutta Leerdam stapt in ijsbad en laat per ongeluk een beetje teveel zien

  • Actueel2 jaar ago

    Martijn Krabbé deelt verdrietig bericht: ‘Zo lang heb ik nog’

  • Actueel2 jaar ago

    Kijkers geschokt door actie van gast in Lang Leve de Liefde: slurf tevoorschijn gehaald

  • Actueel2 jaar ago

    André Hazes deelt per ongeluk beelden van vrij partijtje met Monique Westenberg

  • Actueel2 jaar ago

    Ophef: Lang Leve de Liefde-deelnemers Laura en Duco liggen te wippen en geven volledige show weg

  • Actueel2 jaar ago

    Volgers verdrietig door heftige post van Emma Heesters 😔

  • Actueel2 jaar ago

    Zangeres Maan laat op podium zien wat ze in huis heeft tijdens optreden. Daar kunnen de mannen wel van genieten