Actueel
Nieuwe coronavariant uitgebroken: ”Opletten”
RIVM waarschuwt voor nieuwe coronastijging: ‘Nog geen paniek, maar wel opletten’
Het RIVM heeft vandaag de nieuwste cijfers over het coronavirus bekendgemaakt — en die laten een duidelijke stijging zien. In het Nederlandse rioolwater zijn opnieuw meer virusdeeltjes gevonden, en ook de verkoop van zelftesten neemt snel toe. Volgens het instituut is er geen reden tot paniek, maar het is wel belangrijk om alert te blijven.

Toename van besmettingen
Uit de meest recente gegevens blijkt dat er de afgelopen week 21 procent meer positieve tests zijn geregistreerd dan de week ervoor. Dat komt niet alleen door mensen die zelf testen, maar ook doordat het virus opnieuw vaker wordt aangetroffen in rioolwatermonsters, een methode waarmee het RIVM sinds de pandemie nauwkeurig in kaart brengt hoe het virus zich verspreidt.
Na een rustige zomerperiode, waarin het aantal besmettingen historisch laag was, lijkt het coronavirus nu weer op te leven. Vooral de zogenoemde Stratus-variant rukt op en wordt inmiddels het vaakst aangetroffen bij positieve testen.
Wat is de Stratus-variant?
De Stratus-variant is een nieuwe mutatie binnen de omikronfamilie. Volgens immunoloog Ger Rijkers is het niet verrassend dat er opnieuw een variant opduikt.

“Het virus blijft zich aanpassen,” legt hij uit. “Elke mutatie die zorgt dat het virus zich makkelijker kan vermenigvuldigen, krijgt vanzelf een voordeel. Daardoor wordt de nieuwe variant al snel dominant.”
Rijkers benadrukt dat de Stratus-variant niet gevaarlijker lijkt dan eerdere omikronvarianten.
“De klachten zijn vergelijkbaar met een stevige verkoudheid: hoesten, keelpijn en een loopneus. De meeste mensen hebben bovendien nog een zekere mate van immuniteit, door vaccinaties of eerdere besmettingen.”
Waarom het virus zich nu sneller verspreidt
Het opvallende is dat deze nieuwe variant zich vooral goed verspreidt onder mensen die niet of nauwelijks z!ek worden. En dat is precies wat het virus in de kaart speelt, legt Rijkers uit.
“Een virus kan zich het beste verspreiden als mensen wel besmet zijn, maar niet thuisblijven. Als je gewoon naar de supermarkt, het werk of de sportschool gaat, help je het virus onbewust verder.”
Daarom adviseert hij om bij klachten — hoe mild ook — even extra voorzichtig te zijn, vooral rondom ouderen en kwetsbare mensen.

Nog geen reden tot ongerustheid
Ondanks de stijging in de cijfers benadrukt het RIVM dat er geen reden tot paniek is. De z!ekenhuizen hebben op dit moment voldoende capaciteit, en er is geen aanwijzing dat de Stratus-variant ernstigere z!ekte veroorzaakt.
Wel roept het instituut mensen op om de basisadviezen in acht te nemen: handen wassen, goed ventileren en thuisblijven bij klachten. Voor mensen die een uitnodiging voor een herhalingsprik hebben ontvangen, geldt bovendien het advies om die afspraak niet uit te stellen.
“Voor wie een oproep heeft gekregen voor een vaccinatie, is mijn welgemeende advies: doe het,” zegt Rijkers. “Dat biedt extra bescherming, zeker voor wie ouder is of een zwakkere gezondheid heeft.”
Oude zelftesten nog bruikbaar
Veel mensen vragen zich af of de oude coronatests die nog in huis liggen, werken bij de nieuwe variant. Het antwoord is geruststellend: ja.
“De meeste zelftesten controleren op een bepaald eiwit van het virus dat nauwelijks verandert,” legt Rijkers uit. “Daardoor blijven ze betrouwbaar, ook bij varianten zoals Stratus.”
Wie toch twijfelt, kan de houdbaarheidsdatum op de verpakking checken. De meeste testen zijn enkele jaren bruikbaar zolang ze goed bewaard zijn.

Een seizoenspatroon
Deskundigen vermoeden dat corona inmiddels een seizoensvirus aan het worden is, vergelijkbaar met de griep. In de warme zomermaanden circuleert het nauwelijks, maar zodra de dagen korter worden en mensen meer binnen zitten, neemt het aantal besmettingen toe.
Het RIVM benadrukt dat dit niet betekent dat het virus verdwenen is, maar dat we er beter mee leren leven. Dankzij opgebouwde weerstand verlopen de meeste besmettingen mild, al blijft waakzaamheid belangrijk.
‘Opletten, maar niet in paniek raken’
De boodschap van het RIVM is duidelijk: de cijfers stijgen, maar er is geen reden tot alarm.
“Het is vooral opletten,” zegt een woordvoerder. “We moeten verstandig omgaan met gezondheidsklachten en kwetsbaren beschermen, maar het dagelijks leven hoeft daar niet door stil te vallen.”
Ook de overheid heeft laten weten dat er geen nieuwe maatregelen op stapel staan. Vooralsnog volstaat het om alert te blijven en de adviezen te volgen die inmiddels iedereen kent.
Sociale media reageren
Op sociale media wordt het nieuws breed gedeeld. Journalist Piet Heyn schreef op X (voorheen Twitter):
“Nieuwe coronavariant in opmars: ‘Opletten’.”
Veel reacties daaronder klinken herkenbaar: van lichte vermoeidheid over het onderwerp tot begrip voor het belang van waakzaamheid. Een gebruiker schrijft: “Ik heb er geen zin meer in, maar ik snap dat we het in de gaten moeten houden.”

De balans tussen geruststelling en realiteit
Dat de toon van het RIVM genuanceerd blijft, is bewust. Na jaren van pandemie, lockdowns en persconferenties van Mark Rutte en Hugo de Jonge wil niemand terug naar die periode. Tegelijkertijd is het belangrijk dat het publiek alert blijft op veranderingen in het virus.
Het instituut zet daarom in op transparantie en monitoring: niet alleen via testen, maar ook via rioolwateronderzoek en laboratoriumanalyses. Op die manier kan een opkomende variant vroegtijdig worden herkend.
De conclusie
Er is sprake van een lichte stijging in het aantal coronabesmettingen, vooral door de Stratus-variant, maar geen reden voor paniek. De meeste mensen ervaren slechts milde klachten, en het bestaande vaccin en de oude zelftesten blijven effectief.
Wie voorzichtig is bij verkoudheidsklachten en rekening houdt met kwetsbare mensen, doet al genoeg om de verspreiding te beperken.
Zoals immunoloog Rijkers het samenvatte:
“Het virus is er nog, maar we weten inmiddels hoe we ermee moeten omgaan. Dat is winst.”
Actueel
Expert slaat alarm over dodelijk virus in Nederland: ”Kan heel groot worden”

In Utrecht is een persoon overleden na een besmetting met het westnijlvirus. Het nieuws zorgt voor toenemende zorgen over de aanwezigheid van het virus in Nederland. Muggenexpert Bart Knols waarschuwt dat het sterfgeval niet als een op zichzelf staand incident moet worden gezien. Volgens hem is juist nu het moment aangebroken om uiterst alert te zijn en maatregelen te nemen om verdere verspreiding zo goed mogelijk in kaart te brengen.
Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) maakte ongeveer twee weken geleden bekend dat het westnijlvirus op meerdere plekken in Nederland was vastgesteld. Het virus werd aangetroffen bij een mens, een paard en een vogel.
Dat is belangrijk, omdat het westnijlvirus voornamelijk via besmette muggen wordt overgedragen. Wanneer verschillende dieren en mensen besmet raken, betekent dit dat het virus lokaal circuleert en dat muggen een rol spelen bij de verspreiding.
De zorgen zijn verder toegenomen nu bekend is geworden dat iemand uit Utrecht na een besmetting is overleden.
Muggenexpert waarschuwt voor verdere verspreiding
Muggenexpert Bart Knols sprak woensdagavond in het WNL-programma Goedenavond Nederland uitgebreid over de situatie. Volgens hem moeten de Nederlandse autoriteiten het signaal serieus nemen.
“Dit kan groot worden, laat ik het zo zeggen. Het is één geval. Eén sterfgeval. Heel triest natuurlijk”, aldus Knols.
Volgens de deskundige komt de ontwikkeling bovendien niet volledig uit de lucht vallen. Hij wijst erop dat wetenschappers al veel langer waarschuwen voor de mogelijkheid dat het westnijlvirus zich in Nederland verder zou verspreiden.
Knols stelt dat er rond 2020 al duidelijke signalen waren. Zelf schreef hij naar eigen zeggen zelfs in 2009 al over de risico’s van het virus.
“Dat werd toen weggezet als bangmakerij, stemmingmakerij. En nu zijn we 17 jaar verder en nu is het zover. En dat is heel triest”, vertelde hij.
In Utrecht is iemand overleden aan het westnijlvirus. Muggenexpert Bart Knols waarschuwt dat we de verspreiding niet moeten onderschatten. “Het begint met één persoon en bij één persoon moeten eigenlijk de alarmbellen afgaan.” Volgens Knols zijn die bij wetenschappers al veel… pic.twitter.com/3KnOzCRMUD
— WNL Vandaag (@WNLVandaag) August 26, 2026
‘Bij één persoon moeten de alarmbellen afgaan’
Presentator Frank van Leeuwen wierp tijdens het gesprek de vraag op of de situatie daadwerkelijk zo alarmerend is. Tot dusver gaat het immers om een beperkt aantal vastgestelde besmettingen in Nederland.
Volgens de cijfers die tijdens de uitzending werden besproken, zijn zes besmettingen bekend en is nu één persoon overleden.
Knols vindt echter dat juist bij infectieziekten niet uitsluitend naar de huidige aantallen moet worden gekeken. Een klein aantal geregistreerde gevallen betekent volgens hem niet automatisch dat het risico beperkt blijft.
“Het begint met één persoon en dan zouden alle alarmbellen moeten afgaan”, waarschuwde hij. Volgens Knols zijn die alarmbellen binnen de wetenschappelijke wereld al veel langer afgegaan.
Om duidelijk te maken waarom vroege signalen volgens hem serieus genomen moeten worden, maakte de muggenexpert een vergelijking met Q-koorts. Ook die uitbraak begon ooit met een beperkt aantal bekende gevallen, waarna de omvang sterk toenam.
Daarmee zegt Knols niet dat het westnijlvirus zich noodzakelijkerwijs op dezelfde manier zal ontwikkelen. Zijn boodschap is vooral dat snel handelen belangrijk kan zijn wanneer een infectieziekte zich begint te verspreiden.
Hoe wordt het westnijlvirus verspreid?
Het westnijlvirus wordt in de natuur voornamelijk in stand gehouden door een cyclus tussen vogels en muggen. Muggen kunnen besmet raken wanneer ze bloed zuigen bij een geïnfecteerde vogel. Vervolgens kunnen ze het virus bij een volgende beet overdragen op mensen of andere zoogdieren, waaronder paarden.
De aanwezigheid van besmettingen bij zowel vogels als paarden en mensen is daarom een belangrijk signaal voor deskundigen die de verspreiding volgen.
Dat betekent overigens niet dat iedere mug in Nederland het virus bij zich draagt. Ook leidt een besmetting niet automatisch tot ernstige ziekte. Het geregistreerde sterfgeval in Utrecht maakt volgens Knols echter duidelijk dat ernstige gevolgen mogelijk zijn.
Virus komt ook elders in Europa voor
Nederland staat bovendien niet op zichzelf. Het westnijlvirus komt al langer voor in delen van Europa, waarbij vooral Zuid-Europese landen regelmatig besmettingen melden.
Tijdens de uitzending wees Knols erop dat er inmiddels 625 besmettingen in Europa zijn geregistreerd.
Volgens hem ligt het werkelijke aantal mensen dat met het virus in aanraking is gekomen waarschijnlijk hoger. Niet iedere besmetting wordt immers herkend of geregistreerd.
“Het virus waart rond”, aldus Knols. Juist daarom vindt hij dat Nederland zich goed moet voorbereiden op een situatie waarin meer besmettingen worden vastgesteld.
Pleidooi voor Outbreak Management Team
De muggenexpert vindt dat na het sterfgeval in Utrecht verschillende deskundigen en instanties gezamenlijk naar de situatie moeten kijken.
“Als het goed is moet er, na Utrecht, een soort OMT komen”, zei hij.
Met OMT doelt Knols op een Outbreak Management Team: een groep deskundigen die bij een mogelijke uitbraak de beschikbare informatie beoordeelt en adviseert over eventuele maatregelen.
Volgens Knols zouden onder meer het RIVM, de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA), de GGD en verschillende medische en veterinaire deskundigen daarbij betrokken moeten worden.
Hij noemt daarbij niet alleen huisartsen, maar ook dierenartsen. Dat is van belang omdat het virus niet uitsluitend bij mensen wordt aangetroffen. Ook besmettingen onder dieren kunnen informatie opleveren over waar het virus circuleert.
Onderzoek rond besmettingen Utrecht
Bijzondere aandacht zou volgens Knols moeten uitgaan naar de regio Utrecht. Daar zijn volgens de besproken gegevens drie menselijke besmettingen vastgesteld.
Hij pleit ervoor om grondig te onderzoeken waar deze mensen mogelijk met het virus in aanraking zijn gekomen en welke overeenkomsten er tussen de besmettingen bestaan.
Ook monitoring van muggen, vogels en paarden kan helpen om een beter beeld te krijgen van de geografische verspreiding.
Het doel daarvan is vooral om zo vroeg mogelijk te ontdekken waar besmette muggen voorkomen en of er aanwijzingen zijn dat het virus zich naar andere gebieden verplaatst.
Deskundige wil maximale alertheid
Knols benadrukt dat zijn oproep niet betekent dat Nederland onmiddellijk met een grootschalige uitbraak te maken krijgt. Wel vindt hij dat het onverstandig zou zijn om af te wachten totdat het aantal besmettingen sterk begint toe te nemen.
Juist omdat muggen zich kunnen verspreiden en het virus via vogels over grotere afstanden kan circuleren, is volgens hem vroegtijdige surveillance van groot belang.
Het overlijden van de persoon uit Utrecht vormt voor de muggenexpert daarom een belangrijk waarschuwingssignaal.
Waar momenteel nog sprake is van een beperkt aantal bevestigde menselijke besmettingen, moet volgens hem alles in het werk worden gesteld om zicht te krijgen op wat er daadwerkelijk gaande is.
“Het begint met één persoon”, waarschuwt Knols. Voor hem is het dan ook duidelijk: het eerste Nederlandse sterfgeval moet aanleiding zijn om de ontwikkelingen rond het westnijlvirus uiterst serieus te volgen.
-
Actueel2 jaar agoHardnekkige gerucht blijkt tóch waar: ‘Dit heeft Marco Borsato allemaal met Maan gedaan!’
-
Actueel2 jaar agoJutta Leerdam stapt in ijsbad en laat per ongeluk een beetje teveel zien
-
Actueel2 jaar agoMartijn Krabbé deelt verdrietig bericht: ‘Zo lang heb ik nog’
-
Actueel2 jaar agoKijkers geschokt door actie van gast in Lang Leve de Liefde: slurf tevoorschijn gehaald
-
Actueel2 jaar agoAndré Hazes deelt per ongeluk beelden van vrij partijtje met Monique Westenberg
-
Actueel2 jaar agoOphef: Lang Leve de Liefde-deelnemers Laura en Duco liggen te wippen en geven volledige show weg
-
Actueel2 jaar agoVolgers verdrietig door heftige post van Emma Heesters 😔
-
Actueel2 jaar agoZangeres Maan laat op podium zien wat ze in huis heeft tijdens optreden. Daar kunnen de mannen wel van genieten



